Frank stond in 1975 voor het eerst in het theater als zijn alter ego Fatzy Smit. Vervolgens heeft hij continu op het podium gestaan, en heeft in de recente jaren zijn activiteiten uitgebreid met maatschappelijke projecten.
Frank Wijdenbosch groeide op in Suriname in een gezin waar zijn moeder Helouise Wijdenbosch-Weigle, een artistieke en imposante vrouw, als matriarch centraal stond. Haar elegante zelftransformatie met korset en hoge hakken fascineerde de jonge Frank en legde onbewust de basis voor zijn latere dragqueen-persona. Zijn vader Richenel, onderdirecteur bij de SLM, moest niets hebben van toneel, waardoor Frank een smoes verzon over een studie aan de Hogere Hotelschool om toch naar Nederland te kunnen vertrekken. Na aankomst in 1973 botste hij op discriminerend beleid dat mensen "uit de West" verplichtte tot een extra brugklas, wat hij weigerde te accepteren. Via zijn broer kwam hij op de Wallen in aanraking met de sekswerker Blakka Lola, wier persoonlijkheid de eerste inspiratiebron werd voor een reeks rollen van iconische Zwarte vrouwen die hij later zou spelen.
Franks doorbraak kwam in 1978 in de homoclub het Dok, waar hij na kritiek op een travestietenshow zelf het toneel op ging als Fatzy Smith, geïnspireerd op bluezangeres Bessie Smith. Dit optreden markeerde het begin van een internationale carrière die hem via rollen, samenwerkingen en een periode als master of ceremonies in de Piper Club in Rome naar Duitsland, Italië en Londen bracht. Terug in Nederland ontstond rond 1984 een vruchtbare samenwerking met regisseur Michael Matthews, resulterend in producties als Cold Sweat Antigone en het hoogtepunt Kniertje's Knie, gemaakt met Stichting Toneelschuur Producties en Lantaren/Venster.
Ondanks dit artistieke succes voelde Frank zich nooit volledig geaccepteerd binnen de verdeelde Zwarte theaterwereld, waar gezelschappen als De Nieuw Amsterdam, Cosmic Illusion en het Rast theater fel met elkaar concurreerden om schaarse subsidies, wat onderlinge solidariteit ondermijnde. Als reactie richtte Frank zijn eigen stichting op om voorstellingen te maken over thema's die hemzelf raakten, zoals armoede en identiteit, en vond hij daarin zijn grootste voldoening. Een ontroerend moment van erkenning kwam laat in zijn leven, toen hij de hoogbejaarde Rufus Collins — oprichter van De Nieuw Amsterdam en iemand die hij altijd op afstand had bewonderd — naar huis hielp en deze hem herkende en prees om zijn rol als Blakka Lola.
Naast theater zet Frank zich ook in voor de buurt. Zo is hij betrokken bij Podium Horizon en Keti Koti Westerpark.
https://www.theaterkrant.nl/tm-artikel/frank-wijdenbosch-trekt-altijd-zijn-eigen-plan/

